Opleiding

Voor de meeste functies aan boord van een vissersvaartuig geldt dat je hiervoor een vaarbevoegdheid moet hebben. Er kan aan boord onderscheid gemaakt worden tussen officieren met een visserijdiploma en overige bemanningsleden zonder visserijdiploma. Om een visserijdiploma te verkrijgen dien je een opleiding te volgen.

Na het afronden van een visserijopleiding kan je aan het werk als visserijofficier. Voorbeelden van officiersfuncties aan boord van een vissersvaartuig zijn: schipper, plaatsvervangend schipper, stuurman en werktuigkundige (machinist). Deze functies kun je vervullen als je beschikt over de juiste vaarbevoegdheid. Als visserijofficier ben je, afhankelijk van je functie, belast met de leidinggevende taken op het vissersvaartuig, zoals:

  • Navigeren;
  • Het aansturen van overige bemanning;
  • Het verwerken van de vangst;
  • Het operationeel houden van de vistuigen, machines en elektrische, hydraulische en mechanische systemen aan boord;
  • Administratie t.b.v. schip en vangst.
Aan boord van trawlers zie je vaak een mix van personeel met diploma en zonder diploma aan boord. Bron: ProSea

Heb je geen visserijdiploma (gezel)? Dan kun je toch een vaarbevoegdheid krijgen voor de functie ‘Wachtlopend gezel zeevisvaart’. Dat geeft je de mogelijkheid om de officier van dienst te ondersteunen bij het wachtlopen. Je mag niet zelfstandig wachtlopen op de brug en in de machinekamer.

Internationale vedragen STCW en STCW-F

Nederland heeft twee internationale verdragen van de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) geratificeerd (= ondertekend) met betrekking tot normen voor opleiding, diplomering en wachtdienst. Dit zijn:

  • STCW-verdrag: het Internationaal Verdrag betreffende de normen voor zeevarenden inzake opleiding, diplomering en wachtdienst (International Convention on Standards of Training, Certification and Watchkeeping for Seafarers). Dit verdrag is van toepassing op zeevarenden.
  • STCW-F-verdrag: het Internationaal Verdrag betreffende de normen voor de bemanning van vissersvaartuigen inzake opleiding, diplomering en wachtdienst (International Convention on Standards of Training, Certification and Watchkeeping for Fishing Vessel Personnel). Dit verdrag is van toepassing op vissers.

Zodra een land zo’n verdrag heeft geratificeerd moet het land de inhoud van het verdrag opnemen in de wet- en regelgeving. De visserijopleidingen die in Nederland worden aangeboden moeten dus aan de inhoud van STCW-F voldoen. Meer informatie over STCW-F kun je hier vinden.

Het STCW-F verdrag is dus specifiek voor de visserij, want bij het werken op een vissersschip komen ook andere aspecten kijken ten opzichte van het werken op bijvoorbeeld een koopvaardijschip. Bron: Nederlands Visbureau

Type visserijopleidingen

Je kunt uit verschillende mbo-opleidingen kiezen om als visser aan het werk te gaan. Er is momenteel geen hbo-opleiding voor de visserij. Het type opleiding bepaalt uiteindelijk welke vaarbevoegdheid je kunt aanvragen.

De mbo-opleidingen voor de visserij in Nederland worden op drie niveaus gegeven, met verschillende uitstroomrichtingenrichtingen. Hieronder een kort overzicht.

  • Mbo-niveau 2 – SMBV uitstroomprofiel visserij of zeevaart
  • Mbo-niveau 3 – Maritiem officier kleine schepen
    • Uitstroomrichting Nautisch-koopvaardij
    • Uitstroomrichting Nautisch-visserij
    • Uitstroomrichting Technisch
  • Mbo-niveau 4 – Maritiem officier alle schepen
    • Uitstroomrichting Nautisch-koopvaardij
    • Uitstroomrichting Nautisch-visserij
    • Uitstroomrichting Nautisch-waterbouw
    • Uitstroomrichting Technisch

Als je kiest voor de opleiding ‘Maritiem officier kleine schepen’ (mbo 3) of voor de opleiding ‘Maritiem officier alle schepen’ (mbo 4) met het nautische uitstroomprofiel word je semi-duaal opgeleid. Daarmee wordt bedoeld dat je wordt opgeleid tot maritiem officier met een specialisatie in de visserij. In de eerste twee jaar van je opleiding volg je een basisdeel, ook wel het operational level genoemd. In jaar drie (en vier voor mbo-niveau 4) van de opleiding volg je vakken binnen je uitstroomprofiel, ook wel het managementniveau (managementlevel) genoemd.

Na drie (mbo-niveau 3) of vier (mbo-niveau 4) jaar, ontvang je een diploma Marof-N (nautisch) Visserij of Marof-T (technisch) op het behaalde niveau. Het voordeel van deze semi-duale opleiding is dat het eenvoudiger is om door te stromen van of naar andere maritieme sectoren in binnen- en buitenland. Dit komt doordat de opleidingen voor de koopvaardij, waterbouw en visserij dezelfde basis hebben in deze structuur. De opleiding op mbo-niveau 3 en 4 met het visserijprofiel bieden je namelijk de mogelijkheid een vaarbevoegdheid te behalen voor koopvaardij, waterbouw en visserij. Door de uitwisselbaarheid van vaartijd in een relevante functie kun je ook in de toekomst die vaarbevoegdheden behouden. Voorwaarde van het doorstromen naar het buitenland is dat het betreffende land jouw vaarbevoegdheid erkent. Hieronder kun je een schematisch overzicht zien van de opleidingen.

Het is ook mogelijk een tweede opleiding op management level af te ronden, maar dat betekent dan wel dat je een extra jaar naar school moet. Meer informatie over het Beroepscompetentieprofiel Maritiem Officier nieuwe stijl kun je hier vinden.

De visserijopleiding op mbo-niveau 2 wordt op dit moment nog steeds duaal (stuurman + werktuigkundige) aangeboden. Dat betekent dat het niet zo gemakkelijk is om bijvoorbeeld in de koopvaardij te gaan werken. Dat gaat in de nabije toekomst veranderen omdat het maritieme bedrijfsleven samen met de maritieme opleidingen bezig is om de mbo-niveau 2 opleiding ook naar een semi-duale structuur om te zetten.

Onderwijsinstellingen

In Nederland bieden de volgende onderwijsinstellingen een visserijopleiding aan:

In het volgende artikel gaan we in op de verschillende trainingen die je als visser nodig hebt om te mogen varen.