Mosselconvenant

Jarenlang was er onenigheid tussen mosselkwekers en natuurorganisaties over het opvissen van mosselzaad op wilde mosselbanken in de Waddenzee. Milieu- en natuurorganisaties vonden dat er meer mosselzaad moet blijven liggen op de banken om als voedsel te dienen voor allerlei vogels en zeedieren. Daarnaast hebben mosselbanken belangrijke ecologische functies zoals:

  • het remmen van stromingen en breken van golven;
  • het verrijken van de omgeving door middel van extra voedingsstoffen;
  • het laten stijgen van omliggend wad;
  • zuiveren van water; en
  • bescherming bieden aan allerlei zeedieren -en planten.

Mosselbanken vormen een hard substraat voor andere dieren, zoals deze baksteenanemoon, om op te leven.Stichting de Noordzee

Een deel van de mosselkwekers was het hier niet mee eens. Ze vonden juist dat er meer mosselen komen door het opvissen en weer uitzaaien van het mosselzaad.

Uiteindelijk zijn er duidelijke afspraken gemaakt tussen het ministerie, natuurorganisaties en de mosselsector in 2008. Deze afspraken zijn vastgelegd in een convenant genaamd ‘Transitie mosselsector en natuurherstel Waddenzee’, ook wel het mosselconvenant genoemd. Een van de belangrijkste afspraken daarin is dat mosselkwekers de mosselzaadvisserij stapsgewijs afbouwen en geleidelijk overstappen op MZI’s voor het winnen van mosselzaad.

Gevolg van deze transitie is wel dat het werk van de mosselkwekers arbeidsintensiever is geworden. In de mosselsector zijn inmiddels initiatieven gestart om dit werk te vergemakkelijken. Samen met technologen en ingenieurs is men bezig met het ontwikkelen van een geautomatiseerde mosselzaai- en oogstinstallatie. Als deze techniek goed blijkt te werken, dan zorgt dat voor een duurzamere mosselkweek op zowel economisch, ecologisch en sociaal gebied.