Pulsvisserij platvis

Tegenwoordig zijn er verschillende vismethoden die elektriciteit gebruiken. Deze visserijmethoden zijn verschillend qua doelsoort, constructie en impact. In dit hoofdstuk bespreken wij de pulsvisserij op platvis met de pulskor en de pulswing.

1Overgang van boomkor naar pulsvisserij

De pulsvisserij is ontwikkeld als gevolg van de maatschappelijke druk op de boomkor in combinatie met het hoge brandstofverbruik van de boomkortechniek. Vanaf de jaren 70 werd er in Nederland onderzoek gedaan naar vissen met elektriciteit op garnaal en platvis. De proeven toonden aan dat er efficiënt gevist kon worden met elektriciteit op platvis. Ook nam de hoeveelheid bijvangst af en daalde het brandstofverbruik.

Vanaf de jaren 70 werd al onderzoek gedaan naar elektrisch vissen, zoals blijkt uit dit patent voor elektrische visserij op garnalen.James Lee Newman

Rond 1986 is er een poging gedaan om het eerste elektrische pulstuig op de markt te brengen. Dat ging helaas niet door, want de Europese Unie besloot in 1988 een verbod in te voeren op elektrisch vissen. Een belangrijke reden voor dit verbod in Nederland was de angst voor nog hogere vangsten met het pulstuig, terwijl de visbestanden op dat moment al onder hoge druk stonden.

In 1992 besloot het bedrijf Verburg Holland BV de ontwikkeling van een elektrisch vistuig weer op te pakken. Na jaren van onderzoek resulteerde dit in de pulskor gericht op het vangen van platvis (dus niet te verwarren met de pulskor op garnaal). De pulskor werd voor het eerst getest op een commercieel schip aan boord van de UK-153 in 2004. Aanvankelijk waren er veel technische problemen met de pulskor, waardoor de resultaten tegenvielen. Daarop besloot de Nederlandse visserijsector eind 2006 de steun voor het pulskor project op te zeggen.

De eerste prototypes van de pulskor werden getest aan boord van de Tridens en later op de UK-153.Wageningen Marine Research

Ontwikkeling polstuig zet door

De UK-153 bleef daarna nog een tijdje doorvissen met de pulskor en behaalde uiteindelijk goede resultaten. Technische problemen werden opgelost, het brandstofverbruik nam af met 45% ten opzichte van de boomkor, de kwaliteit van de vis was beter en er werd minder bijgevangen. Na deze positieve verhalen besloot een groep vissers verder te werken aan de pulskor in de kenniskring puls & SumWing. Deze kenniskring werd ondersteund door wetenschappers van het Landbouw Economisch Instituut (LEI, tegenwoordig Wageningen Economic Research) en IMARES (tegenwoordig Wageningen Marine Research). Na een aantal verdere aanpassingen aan de pulskor en het regelen van een pulsontheffing bij de Europese Unie besloot de TX-68 in 2009 als eerste met de pulskor van Verburg Holland BV (tegenwoordig Delmeco) te gaan vissen.

De overige vissers in de kenniskring puls & SumWing hadden plannen gemaakt om de puls in te bouwen in een andere succesvolle innovatie, namelijk de SumWing. Een combinatie van de pulskor met de SumWing zou namelijk nog meer brandstof besparen en nog minder bodemberoering hebben. Ze besloten samen met HFK Engineering een pulswing te bouwen en het eerste prototype werd getest eind 2009 aan boord van de TX-36. Na vele technische problemen in het begin met de pulswing, bleek ook deze vismethode uiteindelijk goed te werken. Een vergelijkend onderzoek werd gedaan tussen de TX-68 (pulskor), TX-36 (pulswing) en de GO-4 (boomkor) die gedurende een week samen op visten. De resultaten van dat onderzoek staan in onderstaande tabel.

Uit een vergelijkend visonderzoek tussen de TX-68, TX-36 en GO-4 werden na 1 week de volgende resultaten behaald. Ondanks de lagere vangsten aan boord van de TX-68 en TX-36 houden ze meer over onder de streep dan de GO-4 door de enorme brandstofbesparingen.

Uit een vergelijkend visonderzoek tussen de TX-68, TX-36 en GO-4 werden na 1 week de volgende resultaten behaald. Ondanks de lagere vangsten aan boord van de TX-68 en TX-36 houden ze meer over onder de streep dan de GO-4 door de enorme brandstofbesparingen. Wageningen Marine Research

Mede door de resultaten van dit onderzoek begon de Nederlandse visserijsector enthousiaster te worden over de pulsvisserij. Dat kwam ook doordat de boomkorvisserij onder druk stond door de hoge olieprijs, de lage visprijzen en de toenemende maatschappelijke kritiek op de boomkor.

Overstap van boomkor naar puls

Inmiddels had het Ministerie 22 ontheffingen geregeld om met elektriciteit te mogen vissen bij de Europese Unie. Nadat rederij Jaczon een grote order had geplaats voor 4 pulswings gingen andere vissers ook overstag. Uiteindelijk bleek het aantal aanvragen voor een pulsontheffing groter dan 22, waardoor niet alle kandidaten konden overstappen op de pulsmethode. Als gevolg van deze grote hoeveelheid aanvragen besloot het Ministerie, onder druk van de visserijsector, meer ontheffingen te regelen bij de Europese Unie. Dat lukte, want het aantal pulsontheffingen werd uitgebreid naar 42. De 20 extra ontheffingen werden verleend onder de voorwaarde dat de vissersschepen mee moesten doen aan een onderzoeksprogramma en waren op tijdelijke basis.

Op het moment dat het aantal pulsontheffingen werd uitgebreid naar 42 begon de kritiek op de pulsvisserij ook steeds luider te worden. Doordat de pulsvisserij een compleet nieuwe technologie is, zijn er ook veel vragen. Deze vragen gaan voornamelijk over de ecosysteem- en lange termijneffecten van de pulsvisserij. Veel partijen willen weten of de puls gevaarlijk is voor het onderwaterleven. Zo is de puls misschien niet direct schadelijk, maar misschien kunnen er op de lange termijn wel negatieve effecten optreden door de elektrische pulsen.

Ook zijn er vragen over de effecten van de pulsvisserij op de markt. Doordat Nederlandse vissers het grootste aandeel platvisquotum hebben in de Noordzee kunnen ze de overstap van de boomkor naar de pulsvisserij financieren. Maar andere Europese landen die in de Noordzee vissen hebben niet genoeg platvisquotum in de Noordzee om zo’n overstap te financieren. Daardoor ontstaat er in sommige gevallen een oneerlijke concurrentie en frustratie onder vissers. Verder bleek ook dat er met de puls gevist kon worden in gebieden die voorheen onbereikbaar waren voor de boomkor, waardoor ook daar nieuwe vormen van concurrentie zijn ontstaan op zee. Ontwikkelingen op het gebied van de garnalenpuls hebben het hele proces ook beïnvloed. Al met al zijn er dus veel processen en belangen die door elkaar zijn gaan spelen omtrent de pulsvisserij. 

Er zijn meerdere bakken zeewater in omloop met daarin pulsmodules om mensen de puls te laten voelen. Op deze foto zie je minister Schouten van LNV die de puls voelt.Visserij-innovatiecentrum Zuidwest-Nederland

Een ander belangrijk punt is dat het overstappen van de boomkor methode naar de pulsvisserij grote gevolgen heeft gehad voor de controle en handhaving en voor de wetenschap. Inspecteurs van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) moesten namelijk bijscholing krijgen over hoe ze de puls kunnen controleren. Dat geldt ook voor de inspecteurs uit andere Europese landen rondom de Noordzee.

Ook voor onderzoekers was het lastig om goed onderzoek te doen naar de ecosysteemeffecten doordat de pulstechniek zich bleef doorontwikkelen. Dit maakt onderzoek heel ingewikkeld, omdat aanpassingen aan het tuig effect kunnen hebben op het elektrische veld. Veranderingen in het elektrische veld zorgen ook weer voor veranderende ecosysteemeffecten.

Laatste ronde pulsontheffingen

Het Ministerie begon nog meer ontheffingen te regelen bij de Europese Unie, omdat 42 pulsontheffingen nog steeds niet genoeg was voor het aantal vissers dat wilde overstappen van de boomkor naar de puls. Nadat de eerste poging mislukte in het Europees Parlement begin 2014, is er een nieuwe poging gedaan door Sharon Dijksma (destijds Staatssecretaris voor Economische Zaken). Uiteindelijk is het haar gelukt om het aantal pulsontheffingen te verdubbelen naar 84. Daarbij is wel afgesproken dat er extra onderzoek gedaan zal worden, waarin ook andere Europese landen betrokken worden. Dit onderzoek valt onder de aanlandplicht, wat betekend dat deze vergunningen tijdelijk zijn en onderzoek gericht moet zijn op selectiever vissen. Ook is er een afspraak gemaakt dat er niet boven de 55°N gevist mag worden met een pulstuig.

Het onderzoeksproject pulsvisserij heeft de volgende 2 doelen:

  1. Het op brede schaal onderzoeken hoe de pulstechniek, al dan niet in combinatie met bepaalde voorzieningen en aanpassingen van het netdesign, kan bijdragen aan een hogere selectiviteit van de Nederlandse platvisvloot en daarmee de gevolgen van de implementatie van de aanlandplicht op een aanvaardbaar niveau kan brengen.
  2. Het vergaren van de ontbrekende/aanvullende data en kennis met het oog op een volledige toelating van de pulsvisserij op de Noordzee.

Inmiddels is Nederland ook actief bezig om kennis over de puls te delen met andere Europese landen. Zo zijn er verschillende internationale bijeenkomst over de puls georganiseerd waarbij veel visserijorganisaties, wetenschappers, politici en NGO’s uit andere Europese landen aanwezig waren. Via die bijeenkomst kan kennis over de puls gedeeld worden en kunnen er onderzoeksvragen voor het onderzoeksproject worden gesteld. Al die onderzoeksvragen zullen samen met de onderzoeksvragen uit de Nederlandse visserijsector worden gebruikt om een onderzoeksprogramma te maken. Ook is er tegenwoordig een website (www.pulsefishing.eu/nl) waar alle informatie over de puls wordt gedeeld.

Nederland wil transparant zijn naar andere EU-lidstaten over de puls. Zo organiseren ze bijeenkomsten waarbij mensen geïnformeerd worden over de laatste stand van zaken en kunnen ze zelf meevaren om de puls in de praktijk te zien.VisNed

2Beschrijving

Momenteel zijn er twee verschillende pulstuigen die gebruikt worden in de Nederlandse platvisvloot, namelijk de pulskor en de pulswing.

Pulskor

Qua uiterlijk verschilt de pulskor niet veel van de traditionele boomkor. De bestaande sloffen en de tussenpijp zijn aangepast. In de tussenpijp kan de elektrische apparatuur geplaatst worden voor de elektrodes die de plaats innemen van de wekkerkettingen. Deze zijn vervangen door ongeveer 24 kunststof elektrodedragers met een lengte van ongeveer 6 meter. In de laatste drie meter bevinden zich zes bronzen elektroden. Rubberen slijtringen dienen als bescherming van de elektroden.

De ruimte tussen het wekveld en de grondpees is opgevuld met een netwerk. De grondpees wordt door kettingen aan de zeebodem gehouden. Het net is korter dan een traditioneel boomkornet. De vissnelheid is lager, ongeveer 5 mijl per uur. Doordat het net minder slijt, kan met dunner netwerk worden gevist. Dit zorgt voor minder waterweerstand van het tuig en daarmee weer voor een lager brandstofverbruik.

Pulswing

Momenteel is de pulswing de meest gebruikte vangsttechniek binnen de Nederlandse visserij. Bij de pulswing is de boom van de boomkor en pulskor vervangen door het vleugelmodel van de SumWing. Voor het vangen van platvis gebruikt de pulswing de pulstechniek, waarbij elektrische pulsen worden gebruikt om de platvis op te laten krullen.

De pulswing in werkingWetec

Ten opzichte van de SumWing zijn dit de belangrijkste veranderingen bij de Pulswing:

  • de trekpunten zijn verzonken in de vleugel om minder weerstand te creëren en een beter gedrag te bewerkstelligen in de ‘punten’ (zeer ongelijke visgronden);
  • dikkere RVS slijtpanelen aan de onderzijde van de vleugel;
  • onderplaat is van 10 mm naar 12 mm staal gegaan;
  • aangepaste trek-ontlaste ogen, om de 415 mm;
  • aangepaste bevestigingslippen in de cassette plaatsen om de puls-modulen aan te kunnen zetten.

Wat betreft de pulstechniek zijn er in de pulswing wel een groot aantal veranderingen ten opzichte van de pulstechniek die gebruikt wordt in de pulskor. Zo is ervoor gekozen om de pulstechniek in de pulswing onder te brengen in losse modulen. Het idee om met losse pulsmodules te werken moest ervoor zorgen dat alles wat complex in elkaar zat zich in één enkele module zou bevinden. Voordeel was dan dat gemakkelijk te constateren was waar defecte onderdelen van het systeem zaten.

De pulswing.Seafish

Meerdere modules werden in de wing geklikt en vormden zo samen het gehele pulssysteem. Wanneer er een defect aan het systeem was konden er op zee eenvoudig één of meerdere modulen worden vervangen. Uitgangspunten voor de ontwikkeling van een pulsmodule in 2009 waren:

  • maximaal 15V tussen de elektrodes;
  • maximaal 1.5 keer de boomlengte in kW.

3Werkwijze

Er zijn regels opgesteld waaraan de pulstuigen moeten voldoen. Deze regels staan beschreven in de technische voorschriften. In deze technische voorschriften staan de volgende punten:

  • de piekspanning is maximaal 60 volt;
  • het uitgaande effectieve vermogen bedraagt ten hoogste 1 kW per meter boomlengte;
  • de pulsinstelling moet tussen de 20 en 180 pulsen per seconde liggen;
  • de breedte van het wekveld is maximaal twaalf meter;
  • het vaartuig dient uitgerust te zijn met een automatisch computergestuurd beheerssysteem inclusief datalogger, waar alleen de autoriteiten en fabrikanten toegang toe hebben.
  • het systeem registreert tenminste de laatste zes maanden en laatste honderd trekken met welke pulsinstellingen er is gevist;
  • per trek wordt een diagram opgesteld dat de spanning op de elektrodeparen weergeeft.

Tekening van het pulswekveld.Harmen Klein Wolthuis
Binnen deze grenzen kan een puls (en daarmee het wekveld) alsnog verschillen. Hoe een puls is opgebouwd noemt men ook wel de pulskarakteristieken. De volgende zaken zijn van invloed op de pulskarakteristieken:

  • de amplituden in volt (V): het potentiaal dat gemeten wordt tussen twee geleidende delen;
  • de elektrische veldsterkte (V/cm): de logische consequentie van de amplitude en de elektrode afstand;
  • puls frequentie (Hz): het aantal pulsen per seconde;
  • pulsduur (µs): de duur van de puls;
  • de steilheid van de voorste en achterste rand van de puls;
  • de vorm van het elektrische veld (het directe gevolg van de pulsvorm, maar ook afhankelijk van soort en aantal elektroden, de afstand tussen de elektroden en de lengte/combinatie van geleidende en isolerende delen).

Er worden verschillende vormen van elektrische golven gebruikt bij pulsvissen. Maarten Soetaert

Naast de pulskarakteristieken zijn er ook veel natuurlijke factoren die van invloed zijn op het wekveld, zoals:

  • verschillen in geleidbaarheid van het zeewater en de zeebodem;
  • de samenstelling van de zeebodem (een slibrijke bodem heeft een betere geleiding dan een zandbodem);
  • het zoutgehalte van het water (zout water heeft een hoger geleiden vermogen dan zoet water);
  • de watertemperatuur (warm water heeft een hogere geleidbaarheid dan koud water).

Pulskor

De elektronica, die de vorm en de sterkte van de puls regelt, is in een waterdichte kist op de boom geplaatst. Het systeem is voor qua hard- en software beveiligd tegen overbelasting. Elektroden die te dicht bij elkaar in de buurt komen worden door de software uitgeschakeld. Vanuit de brug kan dat weer worden hersteld. Tijdens het halen wordt de spanning automatisch uitgeschakeld. Dat voorkomt dat het vistuig onder spanning aan boord wordt gehaald. Via een beeldscherm op de brug en waarschuwingslampen aan dek is er altijd inzicht in de toestand van het systeem. Storingen zijn direct waarneembaar op het beeldscherm in de stuurhut.

De pulskor (Delmeco) aan boord van de GO-48 (links), de elektronica aan boord (midden) en Extra liertrommels voor de elektrische voedingskabels op het achterschip.

De pulskor (Delmeco) aan boord van de GO-48 (links), de elektronica aan boord (midden) en Extra liertrommels voor de elektrische voedingskabels op het achterschip. Delmeco & K. Taal

Er is een aparte E-kabel die vanaf de extra lieren op het achterdek meegaat naar de pulskor. Deze kabel zorgt dat het elektrische vermogen, de voedingsspanning, in de zeebodem komt. Ook vindt via deze kabel een constante communicatie plaats tussen de sturing en regeling van het wekveld en het beeldscherm in de stuurhut. Hierdoor is er altijd zicht op het gedrag van het wekveld.

Al die informatie wordt ook opgeslagen, zodat na een visweek direct gezien kan worden of het systeem nog correct functioneert. Die informatie wordt automatisch via e-mail naar een centrale database gestuurd. Elk weekend kijken technische specialisten daarnaar. Zout water is een uitstekende geleider voor elektrische stroom. In het pulssysteem van Delmeco zijn drie lagen aan beveiliging ingebouwd. Die voorkomen dat er per ongeluk een deel van de stroom via het net of via de metalen romp terugstroomt naar de kotter.

Pulswing

Zoals hierboven al is besproken is de pulsmodule van de pulswing verschillend ten opzichte van de pulskor. Om te komen tot een pulsmodule die op zee gemakkelijk uitwisselbaar is, werd gezocht naar waterdichte connectoren en een montagemethode waarbij er bij voorkeur geen gereedschap nodig zou zijn.

Voor het monteren van de modules in de wing werd een kliksysteem ontworpen dat met twee schroevendraaiers kan worden losgemaakt. Omdat het systeem direct in de praktijk zou worden toegepast, werd dit relatief lang voorbereid en besproken. Elke pulsmodule kreeg een eigen elektrode. Deze elektrode liep vanaf de module drie meter naar achteren en kwam daar boven de zeebodem. Er werd veel aandacht besteed aan het voorkomen van het kapot trillen van de elektrode.

Een enkele pulsmodule met hoofdmaten (links) en de ophanging van de Pulswing (rechts).

Een enkele pulsmodule met hoofdmaten (links) en de ophanging van de Pulswing (rechts). LEI

Uiteindelijk waren alle modules in de wing geheel hydrodynamisch en gemakkelijk te (de)monteren. De keuze om voor optimale stroomlijning te gaan leidde ertoe dat de vleugel niet zonder speciale steunen aan dek kon worden geplaatst. Daarom worden de wings aan weerskanten voorzien van ‘klauwen’, waardoor de wings in beugels kunnen worden gehangen die boven op de ‘potdeksel’ of ‘railing’ worden gemonteerd. De elektroden die aan de achterkant van de vleugel zijn bevestigd blijven hiermee vrij van het werkdek. In de afbeelding hierboven is te zien hoe de wing wordt opgehangen aan de ‘zij’ van het schip.

4Doelsoorten en bijvangsten

De doelsoort van de pulsvisserij op platvis is tong. Met de pulsvisserij vang je minder schol dan met de boomkor. Qua gewenste bijvangst is die van de pulsvisserij gelijk aan die van de boomkor. Er worden met de puls minder ondermaatse vissen en bodemdieren gevangen in vergelijking met de boomkormethode. Grotere vissen zouden ook meer gestimuleerd worden door een puls dan kleine vissen, waardoor de hoeveelheid bijvangst van ondermaatse vis afneemt (zie onderstaande afbeelding). Dit laatste punt is daarentegen nog niet zeker, want onderzoeken laten verschillende resultaten zien.

Op dit plaatje staan 2 kabeljauwen afgebeeld. De zwarte verticale lijnen zijn de elektroden, de horizontale lijnen zijn de veldlijnen die de stroom tussen de twee elektroden tonen. Hoe groter de afstand tussen de kop en de staart van de vis, des te hoger is het potentiaalverschil over het lichaam. Daardoor ervaart de grote vis het elektrisch veld sterker dan de kleine vis. Als je bijvoorbeeld uit zou gaan van een potentiaalverschil tussen de elektroden van 80 V, dan heeft ieder vierkantje een potentiaalverschil van 10 V. Dat zou betekenen dat de grote vis 60 V voelt, terwijl de kleine vis 30 V voelt. Het is wel belangrijk om te vermelden dat de positie van de vis ten opzichte van het elektrisch veld van invloed is op het potentiaal over z’n lichaam.

Op dit plaatje staan twee kabeljauwen afgebeeld. De zwarte verticale lijnen zijn de elektroden, de horizontale lijnen zijn de veldlijnen die de stroom tussen de twee elektroden tonen. Hoe groter de afstand tussen de kop en de staart van de vis, des te hoger is het potentiaalverschil over het lichaam. Daardoor ervaart de grote vis het elektrisch veld sterker dan de kleine vis. Als je bijvoorbeeld uit zou gaan van een potentiaalverschil tussen de elektroden van 80 V, dan heeft ieder vierkantje een potentiaalverschil van 10 V. Dat zou betekenen dat de grote vis 60 V voelt, terwijl de kleine vis 30 V voelt. Het is wel belangrijk om te vermelden dat de positie van de vis ten opzichte van het elektrisch veld van invloed is op het potentiaal over z’n lichaam. M. Soetaert

De bijvangst van bodemdieren is lager doordat deze dieren in tegenstelling tot de doelsoorten nauwelijks/niet worden gestimuleerd door het elektrische veld. Er worden ook minder bodemdieren gevangen met de puls doordat het tuig minder diep doordringt in de zeebodem. Hierdoor worden er dus minder bodemdieren uit de zeebodem opgeschept. Ook zorgt de verminderde sleepsnelheid van de pulskor ervoor dat er minder oppervlak per uur bevist wordt. Daarmee komt de pulskor ook minder doel- en bijvangstsoorten per uur tegen, waardoor er dus ook minder bijgevangen wordt.

Er zijn onderwaterbeelden gemaakt van het gedrag van vissen in het pulsnet. Deze zijn te vinden op youtube bij ‘platvis in beeld’ of door te kijken op de website van WMR.Wageningen Marine Research

Tot slot zorgt de verminderde sleepsnelheid van de puls er ook voor dat er een grotere kans is voor dieren om uit het net te ontsnappen. De bijvangst van vis (gemeten in kg per uur) is met 30% tot 50% afgenomen met de puls ten opzichte van de boomkor. Ook de bijvangst van bodemdieren (gemeten in kg per uur) is met 48% tot 73% afgenomen met de puls.

5Gedrag van vis ten opzichte van het vistuig

Door met deze pulskarakteristieken te spelen kun je ook de vangst beïnvloeden. De spieren van ieder zeedier reageren weer verschillend op de pulsen. Zo wordt met de pulskor op platvis gebruik gemaakt van een puls die de platvis doet verkrampen en opkrullen, terwijl de garnalenpulskor een puls gebruikt die de garnaal opschrikt.

De platvis ligt tussen 2 elektroden (boven). Nadat de elektroden pulsen afgeven trekken de spieren van de platvis samen waardoor deze opkrult van de bodem. De garnalen liggen op de bodem van een aquarium met 2 elektroden (onder). Nadat de elektroden pulsen afgeven schrikken de garnalen op van de bodem.

De platvis ligt tussen 2 elektroden (boven). Nadat de elektroden pulsen afgeven trekken de spieren van de platvis samen waardoor deze opkrult van de bodem. De garnalen liggen op de bodem van een aquarium met 2 elektroden (onder). Nadat de elektroden pulsen afgeven schrikken de garnalen op van de bodem. Pulsefishing.eu & Delmeco

Bij schol en tong trekken de rugspieren krom door de elektrische pulsen. Ze komen daardoor uit de zeebodem omhoog. Het visnet schept de vis daarna als het ware op van de zeebodem. Na de prikkel graaft de vis zich weer snel in. De hersteltijd na de prikkel is 0,1 seconde. Om de vis te vangen moet de grondpees van het net op korte afstand van het wekveld volgen. De afstand mag niet meer zijn dan 0,3 meter.

Uit verschillende onderzoeken is gebleken dat de krampreactie tot verwondingen kan leiden bij een deel van de kabeljauwen en wijting gevangen met een pulstuig. Het gaat dan om breuken in de wervelkolom. Uit de verschillende onderzoeken is gebleken dat het om een klein deel van de marktwaardige kabeljauwen en wijting gaat. Deze vissen zouden sowieso gevangen worden, dus dat maakt het vooral een ethische discussie of het breken van de rug erg is of niet. Vanuit de handel zijn ze er wel minder blij mee, omdat deze breuken invloed hebben op de kwaliteit van de vis. 

Er zijn ook onderzoeken gedaan naar de effecten van de puls op verschillende levensstadia van o.a. de kabeljauw.ILVO

Er zijn ook onderzoeken uitgevoerd met kleinere kabeljauw en wijting die zou kunnen ontsnappen door een 80 mm net. Geen van deze kleinere vissen liep verwondingen op. Deze tests zijn ook uitgevoerd met zeebaars, tong en schar. Bij geen van deze soorten werden verwondingen aangetroffen. De vissoort, de grootte van de vis, de positie van de vis in het wekveld en het type puls bepalen uiteindelijk dus in hoeverre ze kans maken om gewond te raken.

6Verwerking

Het werk bij de vangstverwerking is makkelijker bij de puls dan bij de boomkorvisserij. Dat komt doordat er minder bijgevangen wordt met de puls, waardoor je schonere boxen hebt (zie tabel hieronder). Ook neemt de overlevingskans voor ondermaatse vis en bijvangst toe, doordat ze onder water met minder vistuig en materiaal in aanraking komen en door de efficiënte verwerking sneller overboord gezet kunnen worden. Het meeste werk in de haven zit in de afstelling van de pulsdragers. Het is belangrijk dat die op één lijn staan.

Deze tabel toont de hoeveelheid discards voor de boomkor (Conv.) en de pulskor (puls) die in kilo’s per uur worden gevangen. De laatste kolom geeft aan hoe groot het verschil is in discards tussen de conventionele boomkor en de pulskor. Zo zie je dat de pulskor in dit onderzoek slechts 64% van het totaal aantal bodemdieren vangt zoals met de boomkor het geval zou zijn geweest per uur.

Deze tabel toont de hoeveelheid discards voor de boomkor (Conv.) en de pulskor (puls) die in kilo’s per uur worden gevangen. De laatste kolom geeft aan hoe groot het verschil is in discards tussen de conventionele boomkor en de pulskor. Zo zie je dat de pulskor in dit onderzoek slechts 64% van het totaal aantal bodemdieren vangt zoals met de boomkor het geval zou zijn geweest per uur. M. Rasenberg & F. Quirijns

7Duurzaamheid

De pulstuigen vissen lichter en met een lagere vissnelheid, waardoor er minder motorvermogen nodig is en er brandstof bespaard kan worden. Door het afgenomen brandstofverbruik is er ook een aanzienlijke daling in CO2 uitstoot met de puls, waardoor deze ook beter is voor het milieu.

De CO2-emissie per kotter en per kg vis aangegeven. Belangrijke oorzaken van afname van brandstofverbruik (en daardoor ook CO2-emissie) in de afgelopen jaren zijn: verbod op motoren van meer dan 2.000 pk; innovatie in meer zuinige vistuigen en schepen; introductie nieuwe visserijmethoden; verandering in handelswijze van ondernemers (er wordt energiebewuster gevist). De uitstoot per kg. vis steeg in 2017 omdat voor bijna al de vistakken gemiddeld lagere vangsten werden gerealiseerd per dag op zee. Wageningen Economic Research

De tongvangsten met de puls zijn hoger dan met een wekkertuig. Daarentegen zijn de scholvangsten weer lager ten opzichte van de boomkor. Tarbot en griet laten zich ook goed vangen met de puls. Het brandstofgebruik daalt met ongeveer 45% en er is minder slijtage aan het materiaal. De puls heeft een positieve invloed op de winstgevendheid van de kottervisserij (Profit P).

De goede resultaten in de afgelopen jaren zijn behaald door toenemende opbrengsten (hogere visprijzen) met afnemende kosten (lager brandstofverbruik en lagere brandstofprijzen). Wageningen Economic Research

Bij de puls zijn er minder kosten aan het materiaal dan bij het gebruik van een wekkertuig. Er is minder slijtage van het vistuig en minder motoronderhoud. Natuurlijk is er wel slijtage aan de elektroden doordat deze over de zeebodem worden gesleept, maar dat wordt makkelijk terugverdiend door de brandstofbesparing en goede tongvangsten. Ook heeft de aangevoerde vis een betere kwaliteit doordat deze niet meer in aanraking komt met de wekkerkettingen. Er kan dus geconcludeerd worden dat een lonende visserij mogelijk is met de puls.

Daarnaast heeft de pulskor een aantal positieve aspecten voor de maatschappelijke acceptatie van de visserij. Doordat de wekkers zijn vervangen door puls elektroden is de bodemberoering minder. De bijvangst van ongewervelde bodemdieren die op de bodem leven (zoals krabben en zeesterren) en ondermaatse vis is gedaald ten opzichte van de boomkor. Maatschappelijke organisaties en wetenschappers maken zich wel zorgen over eventuele negatieve effecten van een elektrisch veld in zee. Er is nog te weinig kennis om te beoordelen of de elektrische pulsen schade veroorzaken aan bodemleven, rondvissen (zoals kabeljauw) en kraakbeenvissen (zoals haaien en roggen) op de langere termijn. Daar wordt onderzoek naar gedaan voor zover het mogelijk is dit te onderzoeken. Vooralsnog scoort de pulsvisserij qua impact op alle onderzochte punten beter dan de traditionele boomkormethode.

Ondanks dat de pulsvisserij vooralsnog qua ecologische impact beter scoort ten opzichte van de boomkorvisserij, blijven er met name op Europees niveau nog vele negatieve verhalen hangen rond de pulsvisserij. Het is moeilijk om een enkele oorzaak voor deze negatieve houding tot de pulsvisserij aan te wijzen. Soms heeft het te maken met politiek, zo zijn er bijvoorbeeld tegenstanders die vinden dat Nederland de extra ontheffingen er te snel doorheen heeft gedrukt. Ook zijn er partijen die per definitie tegen de visserij met sleepnetten zijn. Ze vinden de boomkor slecht, maar in hun ogen is de puls alleen minder slecht en dus niet duurzaam. Andere tegengeluiden hebben weer te maken met toegenomen concurrentie. Zo kan er met de puls worden gevist op visgronden die vroeger niet toegankelijk waren voor de boomkor. Hierdoor is de puls op deze visgronden gaan concurreren met andere visserijen.  

Rondom de stemming van het Europees Parlement over de toelating van de puls werd er door tegenstanders ook gelobbyd tegen de pulsvisserij. Durk W. van Tuinen

8Regelgeving

Vissen met behulp van elektriciteit is verboden binnen Europa. Als je dus gebruik wilt maken van de puls dien je een ontheffing (derogatie) te hebben. Momenteel heeft Nederland 84 van dergelijke ontheffingen en daarin staan een aantal voorwaarden waaraan een pulstuig moet voldoen. De pulsschepen moeten zich verder net als andere vissersschepen houden aan de reguliere wet- en regelgeving met betrekking tot visserij.

Aanvankelijk waren er verschillen tussen de pulsontheffingen uitgegeven in 2007, 2011 en 2014, maar die zijn in 2014 allemaal gelijkgetrokken. Er is nog geen permanente toestemming voor het gebruik van de pulstechniek, maar hier wordt in de politiek wel hard aan gewerkt. Een overzicht van alle voorwaarden die genoemd worden in een pulsontheffing zijn te zien in onderstaande tabel.

Een overzicht van alle voorwaarden die genoemd worden in een pulsvergunning sinds 2014.

Een overzicht van alle voorwaarden die genoemd worden in een pulsontheffing sinds 2014.