Regelgeving

De belangen van de pelagische vriestrawlers worden vertegenwoordigd door de Pelagic Freezer-trawler Association (PFA). Ze vertegenwoordigen momenteel de belangen van 23 schepen en zijn een aanspraakpunt voor de Europese Commissie, nationale overheden, regionale visserijorganisaties en andere stakeholders zoals NGO’s en partijen uit de industrie. Hierbij heeft de PFA een actieve rol bij het meedenken en meewerken aan een duurzaam visserijbeheer onder andere doormiddel van het uitvoeren van onderzoek binnen de pelagische vloot die ze vertegenwoordigen.

De regelgeving voor de pelagische vloot wordt bemoeilijkt door het feit dat de schepen vaak in verschillende wateren vissen. Daarbij heeft elk land een Exclusieve Economische Zone (EEZ). Deze zones lopen van de kust tot 200 zeemijlen in zee. Buitenlandse vissersschepen mogen zonder toestemming niet in de EEZ van andere landen vissen. De Nederlandse hektrawlers hebben een dusdanig grote capaciteit dat ze ook buiten de eigen Europese wateren moeten vissen om jaar rond te kunnen opereren. Daarom zoeken ze andere landen op waar er nog voldoende vis gevangen kan worden.

Zo is het voor Europese vissers mogelijk om visvergunningen te kopen in ontwikkelingslanden. De EU maakt hierover afspraken met die landen. In ruil voor geld laten die landen onder andere vissers uit de EU in hun EEZ vissen. Er zijn enkele Nederlandse schepen die in Afrika vissen, maar dat zijn vaak wel de grootste vissersschepen ter wereld. De EU heeft afspraken gemaakt met de volgende landen: Groenland, de Faeröer Eilanden, Mauritanië, Madagaskar, Marokko, Micronesië, Mozambique, Guinee Bissau, Ivoorkust, Guinee, Gabon, Sao Tomé en Principe, de Salomon Eilanden, Mauritius, Kiribati, de Comoren, de Seychellen en de Kaapverdische Eilanden. De afspraken moeten eerlijk zijn. Ook moet er rekening worden gehouden met de beschikbaarheid van de vis, want de overwegend arme lokale bevolking is direct afhankelijk van de visbestanden voor hun inkomen en voedsel.

De regelgeving vereist ook dat er een logboek wordt bijgehouden aan boord van het schip. De volgende gegevens worden bijgehouden en ingevuld:

  • Naam vaartuig en roepletters
  • Nummers
  • Naam en adres kapitein
  • Datum en plaats van vertrek/aankomst: De dag, maand, uur, jaar en haven
  • Vistuig
  • OTM (pelagische ottertrawl)
  • Maaswijdte
  • Vangst per dag: datum, aantal trekken, vistijd, statisch Vak, ICES / COPAGE / CGPM / NAFO/ gebied, visserijzone derde land
  • Aan boord gehouden vangst, per soort, in kg levend gewicht of aantal eenheden

De regelgeving vereist een nauwkeurige administratie van allerlei zaken aan boord (links), waaronder vangstgegevens die worden opgeschreven in het logboek (rechts).

De regelgeving vereist een nauwkeurige administratie van allerlei zaken aan boord (links), waaronder vangstgegevens die worden opgeschreven in het logboek (rechts).

Tijdens het vissen kan er een onaangekondigde controle plaatsvinden, ook door buitenlandse inspectieteams. De inspectieteams controleren dan niet alleen het logboek, maar vaak ook de ruimen en RSW tanks. In het algemeen worden de gegevens in het logboek nagerekend. Als het logboek niet correct is ingevuld, dan kan men een waarschuwing, boete of zelfs detentie krijgen.

1De aanlandplicht

Op 1 januari 2015 is de aanlandplicht voor de pelagische sector in werking getreden. Aangezien het bijvangstpercentage voor de pelagische visserij qua procenten gering is, zijn de gevolgen van de aanlandplicht tot nu toe te overzien.

Een van de grootste problemen waar men nu nog tegenaan loopt is het ongelijke speelveld. Zo mogen Noorse vissersschepen vrijwel ongehinderd vissen in Europese wateren, maar daarentegen worden Europese vissersschepen in Noorse wateren streng gecontroleerd. Ook heeft Noorwegen andere regelgeving omtrent de aanlandplicht dan Europa. Dit zorgt voor verwarring en bemoeilijkt de controle en handhaving.

Daarnaast stuit men ook op praktische problemen. Zo moet de discardgoot worden gedicht, maar daardoor is het ook lastig om vissen en visresten te discarden die wel gediscard mogen of zelfs moeten (beschermde soorten) worden.