Ruwe materialen

Verschillende natuurproducten vormen de basis voor de fabricage van synthetische producten, zoals:

  • Ruwe olie
  • Steenkool
  • Kalk
  • Verschillende zouten

Van deze producten worden moleculen gemaakt die de eigenschap hebben om lange kettingen te vormen in het verdere chemische en fysische proces. Het resultaat is synthetisch materiaal dat hele lange moleculen bevat. Dit wordt vervolgens in kleine stukjes gesneden (parels) en daarvan maakt men uiteindelijk vezels. Deze vezels worden gemaakt in een extrusieproces, daarbij worden de parels gesmolten en in lange, smalle pijpen getrokken.

De parels.

Het extrusieproces.

Aan het eind worden deze garen ongeveer vier à vijf keer verwarmd en gerekt tot ze de uiteindelijke gewenste diameter, sterkte en elasticiteit hebben.

Het rekken en verwarmen van de draden.

Het rekken en verwarmen van de draden.

Van ruw materiaal naar garen en touw

Het basismateriaal in ieder visnet zijn de filamenten, die in kleine of grote aantallen worden gesponnen tot draden. Deze dunne draden worden één of meer keren in elkaar gedraaid of gevlochten, waardoor er dikkere lijnen of touwen ontstaan. Er zijn een aantal verschillende typen vezels en die worden allemaal op hun eigen manier gemaakt. Deze verschillende typen vezels zijn:

  • Monofilament; Dit is gemaakt van één enkele vezel met een doorsnede van meer dan 0,1 mm. Ze zijn sterk genoeg om te worden gebruikt als draad voor vishengels, maar er worden ook wel netten van gemaakt. Ze worden gesponnen tot garen. Deze garen zijn tamelijk stug en hebben een glad oppervlak.
  • Multifilament; Dit is gemaakt van meerdere vezels met een diameter van minder dan 0,1 mm. Ze kunnen een lengte hebben die kan oplopen tot 1 km. Deze garen zijn zijdeachtig, glad en soepel. Na enig gebruik kan de oppervlakte een harig uiterlijk krijgen. Dit is geen teken van verzwakking of slijtage. Het is zelfs zo dat deze “dons” de garen beschermt tegen de inwerking van licht en slijtage.
  • Stapel vezels; Dit zijn betrekkelijk korte stukjes vezel van 5 tot 10 cm. De dikte en de lengte van deze vezels is afhankelijk van het doel waarvoor ze worden gebruikt. Ze hebben een harig uiterlijk, omdat de kleine stukjes aan elkaar worden gemaakt. Hierdoor worden knopen makkelijker op hun plaats gehouden. Ze worden net zoals katoenen garen gesponnen.
  • Gespleten film, gespleten vezel, poly split of filmband; Ze worden gemaakt als een platte laag, daarna strak gespannen en in de juiste breedte gesneden. Tijdens dit strekken barst de laag in de lengterichting. Hierdoor krijgt het een vezelachtig uiterlijk.

Geslagen of gevlochten garen

De draden worden eerst in elkaar gedraaid tot garen en daarna tot kardelen. Deze kardelen worden daarna verwerkt tot touw. Garen kan zowel geslagen als gevlochten zijn.

Constructie van draden.

Constructie van draden.

Geslagen

Een gewone draad waar netten van worden gemaakt is samengesteld uit een aantal enkele vezels die een aantal keren, steeds tegengesteld, in elkaar zijn geslagen. De slagrichting van de touwen is belangrijk voor de eigenschappen van het uiteindelijke touw.

Voor de benaming van de slagrichting in touw is een internationale code vastgesteld. Het is dezelfde code die men in de textielindustrie gebruikt. Je spreekt dan van een S of Z gelagen garen of touw. De schuine balken in deze letters duiden op de richting van de kardelen. De ruimten tussen de kardelen heten tieren. De slagrichting van een touw wisselt steeds. Als het touw een Z richting heeft dan zijn de kardelen in S richting geslagen, het garen in Z richting en de draden in S richting. Met deze wisseling wordt het touw zoveel mogelijk neutraal. Je voorkomt het uitdraaien van een touw als er kracht op komt. Het is onmogelijk om een touw volledig neutraal te slaan. Dit kun je zien als je een touw ophangt met aan het eind een gewichtje. Het touw zal dan altijd willen draaien. Het uiteindelijke materiaal bestaat uit verschillende niveaus van in elkaar geslagen vezels.

De verschillende slagrichtingen.

De verschillende slagrichtingen.

Gevlochten

Bij gevlochten netgaren kruisen de draden elkaar in de lengterichting. Gevlochten draden zijn hol en hebben de vorm van een tube of omhulsel. De vezels zijn vooraf gesponnen. Van één of meer draden wordt het uiteindelijke garen gemaakt. Is het eindproduct rond, dan zit er een hart in het garen en soms ook in de draad. Een hart bestaat uit een aantal vezels van verschillende diktes en slag.

Gevlochten garen.

Gevlochten garen.

Gevlochten netgaren zonder hart zijn plat en hebben een ovale vorm met gekruiste draden. Gevlochten netgaren en touwen zijn tamelijk neutraal. Ze draaien niet. Daarom gaat de voorkeur uit naar gevlochten netgaren. De nieuwste toepassing voor een hart in het touw is rubber. Het rubberen hart neemt geen water of zand op, waardoor het minder krimpt.

Soorten garen

Vanaf de jaren tachtig en negentig worden er sterke garen gebruikt voor het maken van visnetten. Hierdoor is het mogelijk geworden om de diameter van de netgaren steeds kleiner te maken. Deze dunnere garen zijn net zo sterk als de oudere garen met een dikkere diameter. Door het gebruik van deze garen is de weerstand van de netten aanmerkelijk verminderd, wat weer voor lagere brandstofkosten zorgt. Deze nieuwe garen zijn niet alleen dunner, maar ook aanmerkelijk lichter. Hierdoor zijn ze makkelijker hanteerbaar met lichtere machines. Een voorbeeld hiervan is het dyneema, dat pas een paar jaar wordt gebruikt. Dit is gebaseerd op een basis van polyethyleen dat meerdere
keren is verwarmd en gestrekt.

Allerlei verschillende soorten garen zijn er verkrijgbaar.

Allerlei verschillende soorten garen zijn er verkrijgbaar.

De meest voorkomende nylondraad voor de samenstelling van visgaren heeft een waarde van 210 denier. Denier is het gewicht van 9000m garen of draad uitgedrukt in grammen. Garen van 210/60 heeft een denierwaarde van 210 en bestaat uit 60 draden van 210 denier. Hier volgen nog enkele andere samenstellingen:

  • Polyamide; Gevlochten garen zijn alleen aangegeven met een nummer dat de dikte van het garen aangeeft. Geslagen garen worden niet uitgedrukt in de diameter. Daar is een internationale term voor: 210/aantal draden. (210/78)
  • Polyester; Gevlochten garen zijn aangegeven met een diameter, zoals bij polyamide met 250/aantal draden. (250/18)
  • Polyethyleen; Gevlochten garen zijn aangegeven met hun diameter. Geslagen garen met hun internationale code: 500/aantal draden. (500/24)
  • Dyneema; Ook hier zijn gevlochten garen aangegeven met een diameter. Geslagen garen met hun internationale code, zoals: 210/aantal draden. (210/46). Dyneema netten worden vrijwel altijd gemaakt met dubbele knopen om het slippen van de knoop te voorkomen. Dyneema is wel vier keer sterker dan nylon. Het wordt gebruikt voor pezen in een net of voor kabels en stroppen die vroeger van staaldraad gemaakt werden. Dit maakt het voortuig van het net veel lichter.

Bovenstaande materialen worden het meeste gebruikt om netten van te maken.

Bovenstaande materialen worden het meeste gebruikt om netten van te maken.

De diameter van gevlochten garen kan afwijken van wat is opgegeven. Gevlochten garen zijn meestal plat en daardoor dus ook verschillend.

Normen van garen

Netgaren vallen onder textielproducten. Er zijn een aantal normen opgesteld die we kunnen raadplegen bij het beantwoorden van vragen die er zijn. Zo zijn er de volgende normen:

  • NEN 5306:1967 NL Textielproducten voor visnetten – Benamingen en definities
  • NEN-EN-ISO 1107: 2003 EN Visnetten – Basistermen en definities
  • NEN-EN-ISO 1530: 2003 EN Visnetten – Omschrijving en aanduiding van geknoopt netwerk
  • NEN 5309: 1970 NL Textielproducten voor visnetten – Aanslaan van netwerk
  • ISO 1531: 1973 EN Hanging of netting – ‘Basic terms and definitions’
  • ISO 16663-2: 2003/Cor. 1: 2005 EN Visnetten- Beproevingsmethode voor de bepaling van de maasafmeting- Deel 2: Lengte van de maasopeningen
  • ISO 16663-1: 2003 EN Visnetten- Beproevingsmethode voor de bepaling van de maasafmeting- Deel 1: Afmetingen van de maasopeningen
  • NEN-EN-ISO 1805:2007 EN Visnetten- Bepaling van de breekkracht en knoop breeksterkte van netgaren
  • NEN-EN-ISO 1806:2003 EN Visnetten- Bepaling van de breekkracht van de maas van het netwerk
  • NEN- ISO 1532: 1976 EN Visnetten- Snijden van geknoopt netwerk
  • NEN- ISO 2075: 1976 EN Visnetten- Snijden van netwerk – Bepaling van de snijhoek
  • NEN- ISO 3090: 1976 EN Visnetten- Bepaling van de lengteverandering van garens na onderdompeling in water
  • NEN- ISO 3660: 1978 EN Visnetten- Bevestigen en verbinden van netwerk – Benamingen en afbeeldingen
  • NEN- ISO 3790: 1977 EN Visnetten- Bepaling van de rek van netgaren.
  • NEN- ISO 878: 1976 EN Visnetten- Aanduiding van garens in het Texstelsel