Hektrawlers

Hektrawlers zijn relatief grote schepen van 55 tot ruim 140 meter. Deze trawlers vissen voornamelijk op vissoorten die zich hoog in de waterkolom bevinden en vaak in scholen zwemmen. Dit zijn pelagische vissen, vandaar dat de trawlervloot ook wel de pelagische vloot wordt genoemd. Naast de Noordzee liggen belangrijke visgronden in de Atlantische Oceaan (ten westen van Ierland en Schotland), Noorse zone, Golf van Biskaje, Stille Oceaan (bij Peru en Chili) en Afrikaanse wateren (Marokko, Mauritanië).

Een overzicht van de visgronden in Europese wateren van de hektrawlervloot.

Een overzicht van de visgronden in Europese wateren van de hektrawlervloot.PFA

Ontwikkeling trawlervloot

De Nederlandse trawlervloot bestond in de loop der jaren uit verschillende typen vaartuigen. De bekendste scheepstypen uit de geschiedenis zijn waarschijnlijk de pinken, bomschuiten, loggers en trawlers die van oudsher vooral op haring visten. De pelagische vloot heeft ooit uit meer dan 1.000 grotere en kleinere vaartuigen bestaan. De visserij werd hoofdzakelijk uitgeoefend op de Noordzee, in de kuststrook, het Kanaal en de Zuiderzee (nu het IJsselmeer). Het was een seizoensvisserij die plaatsvond van mei tot en met december. Enkele grotere schepen van de vloot visten daarna (januari–april) nog op rondvis in de noordelijke Noordzee, met name op kabeljauw en schelvis. De andere schepen lagen in die periode werkloos aan de kant, wachtend op het nieuwe haringseizoen.

Zeilende Loggers werden tussen 1867 en 1930 gebruikt voor de haringvisserij.

Zeilende loggers werden tussen 1867 en 1930 gebruikt voor de haringvisserij.BCC Balder Centennial Cruise

De ontwikkeling van de pelagische vloot in Nederland werd vervolgens sterk beïnvloed door het haringmoratorium. Dat moratorium was een compleet verbod op gerichte haringvisserij in de Noordzee tussen 1977 tot 1983. Toen was de haringstand zo laag dat deze niet bevist kon worden. Dat kwam voornamelijk doordat de aanwas van jonge haring in het begin van de jaren ’70 erg laag was. Daardoor kon het maatse haringbestand niet voldoende bijgroeien.

Het moratorium had niet alleen een grote invloed op de Nederlandse vloot, maar ook op de vloot van 14 andere landen die op haring visten in de Noordzee. Toen er na juni 1983 weer op Noordzeeharing gevist mocht worden, waren er van de 50 Nederlandse haringschepen nog maar 12 over. Veel reders hadden het moratorium dus financieel gezien niet overleefd. Daarbij had ook de haringmarkt een flinke knauw gekregen. Na 1983 was het moeilijk om handelaren te vinden die de haring wilden kopen. De prijs was laag en verwerkingsbedrijven aan de wal waren inmiddels gericht op aanvoer uit Denemarken en Noorwegen.

De hoeveelheid volwassen haring was erg laag in de jaren van het complete verbod op gerichte haringvisserij in de Noordzee tussen 1977 tot 1983.

De hoeveelheid volwassen haring was erg laag in de jaren van het complete verbod op gerichte haringvisserij in de Noordzee tussen 1977 tot 1983. ICES 2015

Toch heeft het moratorium de pelagische vloot ook goede dingen gebracht. Ten eerste is de haringstand in de jaren ‘80 weer toegenomen. Ten tweede zijn veel haringvissers ten tijde van het moratorium overgeschakeld op makreel en horsmakreel. Voor deze visserij was het nodig om de schepen uit te rusten met vriezers om de vangst direct te kunnen verwerken. Deze schepen bleken erg succesvol, niet alleen voor visserij op (hors)makreel, maar ook voor visserij op haring. De pelagische vloot die we nu hebben is nog steeds uitgerust met grote vriezers en verwerkingsinstallaties aan boord, vandaar de naam vriestrawlers (pelagic freezer trawlers in het Engels). Het haringmoratorium heeft meegeholpen aan het ontwikkelen van de moderne Nederlandse hektrawlervloot.

Mede dankzij de vele technologische ontwikkelingen hebben de hektrawlers tegenwoordig een behoorlijke capaciteit en kunnen ze lang op zee blijven. Hier zie je de hektrawler KW-174 die gelost wordt aan de kade in IJmuiden.

Mede dankzij de vele technologische ontwikkelingen hebben de hektrawlers tegenwoordig een behoorlijke capaciteit en kunnen ze lang op zee blijven. Hier zie je de hektrawler KW-174 die gelost wordt aan de kade in IJmuiden.ProSea

De huidige Nederlandse pelagische vloot bestaat uit een beperkt aantal schepen, maar wel met een grote capaciteit per schip. Deze schepen vissen in principe het hele jaar door op verschillende vissoorten. Al naar gelang het seizoen wordt er vooral gevist op haring, makreel, horsmakreel, sardinella en blauwe wijting.

Aanvoer van pelagische vis vanaf 2003.Wageningen Economic Research