Visserij en maatschappij

In dit hoofdstuk staat de People P centraal, maar deze keer ligt de focus op de mensen buiten de sector. Dit onderdeel van duurzaamheid gaat over zorg voor genoeg draagvlak voor de visserij in de maatschappij. Een samenleving die trots is op een visserij met toekomst kan de visserij de ruimte geven om zich duurzaam te ontwikkelen. Als de maatschappij te weinig vertrouwen heeft in de visserij, dan kan dat leiden tot minder verkoop van vis, minder inkomsten, strengere regels en een onzekere toekomst. Dat moeten we voorkomen!

De maatschappij verandert voortdurend en de visserij reageert daarop en ontwikkelt mee. Maar de visserij kan ook uit zichzelf veranderen. Zo heeft vis een goed imago. Het gezondheidsaspect van vis wordt steeds belangrijker voor de (Nederlandse) consument. Het voedingscentrum adviseert Nederlanders om twee keer per week vis te eten, waarvan één keer een vettere vissoort. Vis levert namelijk veel waardevolle voedingstoffen: eiwitten van hoge kwaliteit, goede vetten, vitamines en mineralen. Het eten van vis kan bescherming bieden tegen hart- en vaatziekten en is gunstig voor de ontwikkeling van hersenen en ogen.

Er zijn regelmatig berichten in de media die de positieve aspecten van vis onder de aandacht brengen.

Er zijn regelmatig berichten in de media die de positieve aspecten van vis onder de aandacht brengen.Delft For You Magazine

Nederlanders eten niet zo veel vis, schaal- en schelpdieren, jaarlijks gemiddeld ongeveer 3,5 kilo. Dit gemiddelde ligt onder het advies van het Voedingscentrum, omdat er ook veel mensen zijn die helemaal geen vis eten. Twintig procent van de Nederlanders eet helemaal geen vis. Nederlanders kopen vooral zalm (gerookt, diepvries en vers), haring, tonijn in blik, kibbeling en lekkerbek.

1Het imago van de visserij

Er wordt wel eens geopperd dat er niet gesproken moet worden over drie P’s maar over vier. Veel mensen in de vissector hebben hun hart verpand aan hun beroep. Visser is niet zomaar een beroep, maar een onderdeel van wie je bent, van je identiteit. Je kunt spreken van de vierde P; de P van Pride (trots). Veel vissers maken deel uit van vissersfamilies, die al generaties lang actief zijn op de Noordzee. Daardoor hebben ze ook veel kennis, waar ze trots op zijn. Hierdoor is het soms lastig om met maatschappelijke kritiek om te gaan. Veel vissers voelen het als een persoonlijke aanval. Ook vinden vissers het moeilijk te accepteren dat ‘stadse mensen’ zich opeens met de zee gaan bemoeien en allerlei eisen gaan stellen. Terwijl zij, de vissers, er al eeuwen vissen.

Het beeld dat de gemiddelde Nederlander heeft over ‘de visserij’ (het imago = hoe anderen over jou denken) kan wel eens anders zijn dan het beeld dat vissers zelf van de visserij hebben. Menig visser is trots op zijn beroep en identiteit. Maar wat denkt de gemiddelde Nederlander over de visserij? Dat de meeste Nederlanders weinig weten over de visserij, het visserijbeheer en het dagelijks werk van de visser bleek uit onderzoek uitgevoerd door TNS NIPO in 2015 (zie onderstaand figuur).

Het onderzoek van TNS NIPO toonde aan dat 79% van de mensen helemaal niet tot niet zo bekend was met de visserij. Slechts 21% was (enigszins) bekend met de Nederlandse visserijsector.

Het onderzoek van TNS NIPO toonde aan dat 79% van de mensen helemaal niet tot niet zo bekend was met de visserij. Slechts 21% was (enigszins) bekend met de Nederlandse visserijsector. TNS NIPO

Uit een onderzoek naar beeldvorming in de visserij, uitgevoerd in 2015, bleek dat Nederlanders die wel iets zeiden te weten over de visserij het vooral hebben over kwesties als overbevissing in negatieve zin en over het harde bestaan van de visser in positieve zin (respect en waardering), zoals te zien is in onderstaand figuur.

Bij het beoordelen van de Nederlandse visserijsector gaven de ondervraagde mensen overbevissing, negatieve berichtgeving en het nog niet duurzaam/verantwoord vissen op reden voor een negatieve beoordeling. De ondervraagde mensen met een positieve beoordeling droegen juist het belang van vis als bron van voedsel, de positieve verhalen en het respect voor het vissersberoep aan als reden voor een positieve beoordeling.

Bij het beoordelen van de Nederlandse visserijsector gaven de ondervraagde mensen overbevissing, negatieve berichtgeving en het nog niet duurzaam/verantwoord vissen op reden voor een negatieve beoordeling. De ondervraagde mensen met een positieve beoordeling droegen juist het belang van vis als bron van voedsel, de positieve verhalen en het respect voor het vissersberoep aan als reden voor een positieve beoordeling.TNS NIPO

Onheilspellende berichten over vis

Mensen in de maatschappij vormen hun beeld over de visserij meestal op basis van artikelen in de krant, programma’s op tv of van het internet. Visserij en visbestanden komen regelmatig negatief in het nieuws en worden vaak belicht op wereldschaal. Mensen worden zo geconfronteerd met de algemene achteruitgang van de visbestanden in de wereldzeeën. Volgens cijfers van de Verenigde Naties wordt jaarlijks bijna 80 miljoen ton zeevis gevangen, en in 2011 was 28,8% van de visbestanden wereldwijd overbevist.

De staat van visbestanden in de wereld sinds 1974. Het lichtblauwe gedeelte weergeeft het percentage visbestanden wat niet duurzaam bevist wordt. Het donkerblauwe gedeelte weergeeft het percentage wat wel duurzaam bevist wordt. Hierbij maakt men onderscheid tussen visbestanden die volledig worden bevist (boven witte lijn) en visbestanden die niet volledig worden bevist (onder witte lijn).

De staat van visbestanden in de wereld sinds 1974. Het lichtblauwe gedeelte weergeeft het percentage visbestanden wat niet duurzaam bevist wordt. Het donkerblauwe gedeelte weergeeft het percentage wat wel duurzaam bevist wordt. Hierbij maakt men onderscheid tussen visbestanden die volledig worden bevist (boven witte lijn) en visbestanden die niet volledig worden bevist (onder witte lijn).FAO, Voedsel en Landbouw Organisatie van de Verenigde Naties

Ook komen kritische wetenschappers zoals Daniel Pauly en Boris Worm in de krant, die de visserij en visbestanden op wereldschaal onderzoeken. De documentaire ‘The end of the line’ (2009) laat zien dat wetenschappers hebben berekend dat de vis op wereldschaal veel sneller dan tot dusver werd aangenomen verdwijnt. Pauly waarschuwt dat we het risico lopen dat er binnenkort alleen nog kwallen en plankton in zee zwemmen, wanneer alle grote roofvissen uit het ecosysteem worden weggevist.

Onheilspellende krantenkoppen in NRC op 20 januari 2016 (links) en De Volkskrant op 13 september 2008.

Onheilspellende krantenkoppen in NRC op 20 januari 2016 (links) en De Volkskrant op 13 september 2008.NRC & De Volkskrant

Voor het grote publiek is het moeilijk het verschil te zien tussen visserij op wereldschaal en visserij op de Noordzee. Mensen in de maatschappij maken zich dan ook zorgen over visbestanden en vragen zich af of het nog wel verstandig is om vis te eten. En dit terwijl het met sommige visbestanden in de Noordzee, zoals de schol, heel goed gaat. Ook is de visserijdruk op veel commerciële bestanden in de Noordzee flink afgenomen. Op regionaal niveau kan het verhaal dus wel anders liggen dan de krantenkoppen soms doen geloven.

Communicatie

Om ervoor te zorgen dat het imago van de visserij meer op de eigenlijke identiteit gaat lijken, is het belangrijk om het brede publiek goed te informeren. En dan niet alleen over de visserij op wereldschaal, maar ook over de visserij in Europa of onze eigen Noordzee. Dat betekent communicatie! Zo concludeert visserijorganisatie Europêche dat een goede communicatiestrategie nodig is om de burgers van Europa beter te informeren over de realiteit in de visserijsector, met name over de initiatieven die ondernomen worden richting een duurzaam en verantwoord beheer van de visbestanden. Want draagvlak in de maatschappij is van levensbelang voor een duurzame visserij!

Tijdens de cafébijeenkomst van de kenniskringen visserij over communicatie in 2015 bleek dat er in sommige visserijbedrijven ook een belangrijke rol is weggelegd voor de vissersvrouwen wat betreft communicatie.

Tijdens de cafébijeenkomst van de kenniskringen visserij over communicatie in 2015 bleek dat er in sommige visserijbedrijven ook een belangrijke rol is weggelegd voor de vissersvrouwen wat betreft communicatie.Bas Kohler

2Maatschappelijke organisaties

Alle mensen in Nederland samen vormen de maatschappij. Iedereen kan zelf bepalen wat hij of zij vindt van de visserij. Al die meningen bij elkaar is de mening van de maatschappij. Door goed op te letten wat mensen weten en willen, kan de visserij een indruk krijgen van wat de maatschappij wil. Dat is niet makkelijk. Je kunt moeilijk alle Nederlanders gaan vragen wat ze vinden. Veel makkelijker is het om te luisteren naar wat maatschappelijke organisaties te vertellen hebben.

Er zijn verschillende maatschappelijke organisaties in Nederland die zich bezighouden met vis, visbestanden en de visserij. Deze maatschappelijke organisaties zijn onafhankelijk van de overheid en worden daarom ook wel NGO’s (niet-gouvernementele organisatie) genoemd. Deze NGO’s richten zich op een of andere manier op het maatschappelijk belang. Het gaat meestal om organisaties die werken aan het bevorderen van natuurbehoud en milieubescherming. Vaak hebben deze organisaties leden die hun werk financieel steunen. Hieronder staan een aantal voor de visserij belangrijke maatschappelijke organisaties.

Wereld Natuur Fonds (WNF)

Het Wereld Natuur Fonds (WNF) heeft ongeveer 800.000 leden in Nederland en zet zich in voor natuurbescherming over de hele wereld. Het WNF heeft ‘Oceanen en kusten’ als apart thema.

Het WNF-logo.

Het WNF-logo.Wereld Natuur Fonds

Het WNF wil:

  • De belangrijkste leefgebieden van planten en dieren beschermen en waar mogelijk herstellen.
  • De belangrijkste bedreigingen aanpakken, zoals overbevissing.
  • De Nederlandse bevolking op te roepen actief te helpen met de bescherming van de natuur.

Stichting de Noordzee

Stichting Noordzee heeft geen leden. Deze stichting is dé natuur- en milieuorganisatie die zich inzet voor de Noordzee. De organisatie pleit voor duurzaam gebruik van de Noordzee en wil het bewustzijn over de waarde van de zee vergroten, zodat duurzaam gebruik de norm wordt voor activiteiten op zee. Scheepvaart, visserij, afval en natuurbescherming zijn de belangrijkste thema’s.

Het logo van Stichting De Noordzee.

Het logo van Stichting De Noordzee. Stichting de Noordzee

Stichting De Noordzee is vooral actief ‘achter de schermen’. Ze lobbyen bijvoorbeeld in Den Haag en Brussel. Ook zoeken ze samen met gebruikers van de Noordzee, waaronder dus vissers, naar concrete oplossingen voor belangrijke problemen. Dat doen ze onder meer door mee te praten in de Regionale Advies Comités over de visserij. In deze comités zijn ook visserijvertegenwoordigers aanwezig, en door mee te doen aan projecten zoals de Green Deal en Vispluisvrij. Stichting De Noordzee laat aan een breder publiek zien hoe bijzonder die Noordzee is, en heeft de viswijzer ontwikkeld om mensen te informeren over vis en visserij.

Greenpeace

Greenpeace heeft ongeveer 430.000 leden in Nederland en is een van de grootste en bekendste milieuorganisaties ter wereld. Met eigenlijk maar één doel: onze aarde beschermen. Dat doel streven ze voornamelijk na door actie te voeren. Zo klimmen actievoerders van Greenpeace op daken en gevels om spandoeken met milieuboodschappen op te hangen. Ze scheren in rubberbootjes langs enorme walvisjagers en ze achtervolgen illegale vissers.

Het logo van Greenpeace.

Het logo van Greenpeace.Greenpeace

Greenpeace wil dat de Noordzee beter wordt beschermd, bijvoorbeeld door het aanwijzen van meer beschermde gebieden. In 2009 en in 2015 bracht Greenpeace beschermde gebieden op de Noordzee onder de aandacht door stenen in zee te storten. Deze rotsblokken waren een signaal naar de politiek dat ze haast moesten maken met de bescherming van de gebieden, maar hinderden ook de bodemvisserij. Deze actie leverde veel kritiek op vanuit het ministerie en de visserijsector, en leidde in 2015 tot een rechtszaak van de visserij tegen Greenpeace.

De door Greenpeace gedumpte keien worden door een bergingsschip weer aan wal gebracht.

De door Greenpeace gedumpte keien worden door een bergingsschip weer aan wal gebracht. Nederlands Visbureau

Waddenvereniging

De Waddenvereniging heeft 40.000 leden en streeft naar het behoud van natuur, milieu en landschap van het waddengebied. Maar in dit gebied wonen, werken en recreëren ook mensen. Bescherming van de Waddenzee betekent niet dat er geen ontwikkelingen op de eilanden, in de Noordzee en op het vasteland meer mogelijk zijn. Wel moeten nieuwe ontwikkelingen een duurzaam karakter hebben. Want het open waddenlandschap krijgt in ons overvolle en gecultiveerde land steeds meer waarde.

Het logo van de Waddenvereniging.

Het logo van de Waddenvereniging. Waddenvereniging

Het economisch belang wint het nog vaak van het natuurbelang. Daarom stimuleert de Waddenvereniging die economische activiteiten, die passen binnen het beschermingsbeleid voor het waddengebied. Duurzame havens en industrie, duurzame visserij en natuur- en cultuurtoerisme zijn daar voorbeelden van.

3Kritiek van maatschappelijke organisaties op de visserij

Maatschappelijke organisaties volgen de visserij kritisch. De kritiek van deze organisaties richt zich vooral op vier problemen: visserijdruk, bijvangsten, bodem-beroering en brandstofgebruik.

Visserijdruk

Maatschappelijke organisaties wijzen op de problemen van de wereldwijde hoge visserijdruk. Als de visserijdruk hoog is en er dus (te) veel gevist wordt, dan kan dat gevolgen hebben voor het visbestand. Hierdoor kan er te weinig vis in zee overblijven. Dat is een probleem voor de visserij, want de aanwas van jonge vis kan verminderen als er te weinig ouderdieren zijn. Zo kunnen visbestanden instorten. Een hoge visserijdruk kan er ook toe leiden dat het ecosysteem in de zee uit balans raakt, want soorten zijn met elkaar verbonden in een voedselweb.

Bijvangsten en discards

Maatschappelijke organisaties hebben kritiek op het overboord gooien van bijvangst in de visserij, en vinden al jaren dat daar iets aan moet gebeuren. De EU vindt dat nu ook en heeft in het nieuwe Gemeenschappelijk Visserijbeleid de aanlandplicht opgenomen, die vanaf 2015 geleidelijk wordt ingevoerd. Deze regel probeert een eind te maken aan het discarden van vis.

Maatschappelijke organisaties hebben kritiek op de hoeveelheid bijvangst van Nederlandse vissers.

Maatschappelijke organisaties hebben kritiek op de hoeveelheid bijvangst van Nederlandse vissers. NRC

Vooral in de gemengde visserij (demersale of bodemvisserij) is er veel bijvangst. Want naast de doelsoort en andere commercieel interessante bij gevangen vis, vangen vissers ook ‘ondermaatse’ vissen bij. Voor de invoering van de aanlandplicht mochten deze te kleine vissen niet worden aangeland en gingen daarom overboord als discards. Ook soorten vis waar geen markt voor is en ander zeeleven zoals zeesterren en zeeanemonen, gingen weer overboord. Verder vangen vissers soms vis bij die ze wel willen hebben, maar niet mogen aanlanden, omdat het quotum vol zit. Ook die ging weer overboord.

Voor een deel is de discussie over discards een ethische discussie. Is het overboord gooien van ondermaatse schol in de tongvisserij erg als het scholbestand op orde is? De één vindt van wel, want het is verspilling; zowel economisch als ecologisch. De ander vindt van niet, want een sterk scholbestand moet daar tegen kunnen en de discards zijn voedsel voor andere dieren. Ook blijft een deel van de discards in leven nadat het terug in zee gegooid wordt. Toch moet je als vissector iets met die discards, zeker met de nieuwe regelgeving. Met de aanlandplicht wordt een eind gemaakt aan het overboord gooien van vis. In de toekomst moet alle ondermaatse gequoteerde vis mee naar land. Ander zeeleven en beschermde soorten moeten nog wel worden teruggegooid.

De aanlandplicht zorgt voor veel discussie tussen voorstanders, die discards zien als verspilling (links) en tegenstanders die het meenemen van discards juist als verspilling zien (rechts).

De aanlandplicht zorgt voor veel discussie tussen voorstanders, die discards zien als verspilling (links) en tegenstanders die het meenemen van discards juist als verspilling zien (rechts).Het proeflokaal & Visserijnieuws

De aanlandplicht is het resultaat van het gevecht van bekende chef-koks tegen de ‘discards’. In Groot Brittannië is de chef-kok Hugh Fearnley-Whittingstall met een grote mediacampagne begonnen om het probleem van discards onder de aandacht te brengen. Hij wordt geholpen door de Marine Conservation Society (MCS). Door zijn actie is de aandacht van de maatschappij en de politiek nog meer gevestigd op de discards en dat heeft onder andere de aanlandplicht als gevolg gehad. De EU heeft de aanlandplicht namelijk niet ingevoerd omdat het slecht zou gaan met de visstand, maar omdat ze de mening van de maatschappij volgt en voedselverspilling wil tegengaan. Zo zie je dat de People P, de mening van de maatschappij, grote effecten kan hebben, ook voor de visserij.

De chef-kok Hugh Fearnley-Whittingstall kreeg veel media-aandacht in zijn strijd tegen discards. Veel mensen steunden zijn strijd, zoals ook te zien is op deze afbeelding met de tekst ‘’You can’t ignore 706.381 people’’. Dat betekent dat al 706.381 mensen zijn actie steunden en zo’n groot aantal kan men niet negeren.

De chef-kok Hugh Fearnley-Whittingstall kreeg veel media-aandacht in zijn strijd tegen discards. Veel mensen steunden zijn strijd, zoals ook te zien is op deze afbeelding met de tekst ‘’You can’t ignore 706.381 people’’. Dat betekent dat al 706.381 mensen zijn actie steunden en zo’n groot aantal kan men niet negeren.The Sustainable Restaurant Association

Bodemberoering

Maatschappelijke organisaties vragen aandacht voor de bodemsleepnetten die de structuur van de bodem en de samenstelling van het bodemleven veranderden. Met name de boomkorvisserij met kettingen of zware matten wordt bekritiseerd.

Verschillende wetenschappelijke studies tonen aan dat de hoeveelheid ongewervelde dieren die in en op de bodem leven vermindert door bodem beroerende visserij. Ook zijn er in de Noordzee veranderingen opgetreden in de soortensamenstelling van dieren. Zo zijn soorten met een lang leven, zoals de Noordkromp, een zeldzaamheid geworden. De Noordzee heeft daarentegen nu veel meer wormen, zeesterren en krabben dan 100 jaar geleden. Snel groeiende bodemdieren zoals wormen kunnen toenemen op plekken waar door veel bodemberoering de langzaam groeiende en grotere bodemdieren minder kans op overleven hebben.

. Gevolgen van bodemberoering zijn zichtbaar door te kijken naar de soortensamenstelling. Hier zie je dat er andere soorten voorkomen op de ongestoorde bodem (links) en een omgewoelde bodem (rechts).

. Gevolgen van bodemberoering zijn zichtbaar door te kijken naar de soortensamenstelling. Hier zie je dat er andere soorten voorkomen op de ongestoorde bodem (links) en een omgewoelde bodem (rechts).Ecomare

Veel vissers zien bodemberoering juist als iets positiefs, en zelfs als essentieel voor een gezonde platvisstand. Er is ook wetenschappelijk onderzoek dat de ideeën van de vissers ondersteunt en dat aantoont dat schol inderdaad meer voedsel kan vinden op een zeebodem, die in zekere mate beroerd wordt. Dat zou komen doordat kort levende wormen goed gedijen bij bodemberoering en juist die wormen eet de schol graag!

Maar NGO’s willen niet alleen schol in zee, ze pleiten voor een zo divers en natuurlijk mogelijk ecosysteem. Met de langlevende en traag groeiende bodemdieren die daarbij horen.

Brandstofverbruik

Voordat een visje op ons bord belandt, is vaak veel CO2 de lucht in geblazen. Hierdoor draagt de visserij bij aan klimaatverandering (zie lesboek ‘’Milieu’’ ). Met name de boomkorvisserij gebruikt veel fossiele brandstof. Nederlandse boomkorkotters met een motorvermogen tussen de 1.500 en 2.000 pk verbruiken veel brandstof, ruim 30.000 liter per week. Veel vissers zijn de afgelopen jaren overgegaan op vismethoden die minder brandstof gebruiken, zoals de twinrig, pulskor of flyshoot.

De Nederlandse visserijsector is de laatste jaren erg succesvol geweest in het terugdringen van het brandstofverbruik. Deze besparing is goed voor milieu, mens en portemonnee.

De Nederlandse visserijsector is de laatste jaren erg succesvol geweest in het terugdringen van het brandstofverbruik. Deze besparing is goed voor milieu, mens en portemonnee. www.agrimatie.nl

4Wat doen de maatschappelijke organisaties?

Maatschappelijke organisaties proberen op verschillende manieren invloed uit te oefenen op de visserij. Ze proberen ervoor te zorgen dat de regels en wetten zo worden gemaakt dat het de visserij in de door hun gewenste richting stuurt. Dat kan door lobbyen en vergaderen, maar ook door acties. Zo sporen ze bijvoorbeeld de Nederlandse en de Europese regering aan om de afspraken over de beschermde gebieden na te komen. Soms stappen ze ook naar de rechter om ervoor te zorgen dat de wetten op een goede manier worden uitgevoerd.

Actie waarbij Greenpeace aandacht vraagt voor het oprichten van reservaten op de Noordzee (gesloten gebieden).

Actie waarbij Greenpeace aandacht vraagt voor het oprichten van reservaten op de Noordzee (gesloten gebieden). C. Aslund/Greenpeace

 

Maatschappelijke organisaties richten zich ook op de visetende mens, de consument. Ze proberen consumenten ervan te overtuigen alleen nog maar duurzame vis te kopen, bijvoorbeeld door het maken van de Viswijzer. De meeste maatschappelijke organisaties zullen ook proberen om met de visserijsector samen te werken aan verbeteringen.

Op sommige punten lukt het de visserijsector om samen te werken met maatschappelijke organisaties. Zo werd er eind augustus een akkoord gesloten tussen de Pelagic Freezer-trawler Association (PFA) en Greenpeace over duurzame visserij.

Op sommige punten lukt het de visserijsector om samen te werken met maatschappelijke organisaties. Zo werd er eind augustus een akkoord gesloten tussen de Pelagic Freezer-trawler Association (PFA) en Greenpeace over duurzame visserij.VNO NCW

Milieuorganisaties vragen om verduurzaming

Milieuorganisaties vestigen de aandacht op verduurzaming in de hele keten, van aanvoersector tot aan de keuze van de consument. Milieuorganisaties willen duidelijkheid over waar de verkochte vis vandaan komt en hoe die gevangen is. Dat komt omdat ze zich zorgen maken over de mate van bevissing en de gevolgen daarvan voor de visstand en het ecosysteem in de toekomst. Om iets te kunnen zeggen over waar en hoe een vis gevangen is, moet de keten transparant zijn. Daarnaast kunnen keurmerken de consument helpen om te kiezen voor producten die door een (onafhankelijke) partij gecertificeerd zijn als zijnde ‘duurzaam’. Milieuorganisaties proberen verschillende schakels in de keten te beïnvloeden.