Migratie

Onder migratie of trek wordt de periodiek optredende, gerichte verplaatsing van dieren verstaan. Deze migratie is een jaarlijks terugkerend verschijnsel. Zowel op het land als in het water (vissen) wordt de migratie vaak in groepsverband uitgevoerd. Er kunnen grote afstanden afgelegd worden. Bij vissen zijn er drie verschillende migraties:

  • De paaitrek.
  • De voedseltrek.
  • De temperatuur of wintertrek.

De paaitrek van zalmen.

De paaitrek van zalmen.Pixabay

De paaitrek

De paaitrek van vissen is erop gericht om in een gebied te komen waar de natuurlijke omstandigheden gunstig zijn voor de ontwikkeling van eieren en larven: het paaigebied. (Eng.: spawning area).

De gestreepte zeebaars is een vissoort die van zout naar zoet water migreert om zich voort te plantenGo north fork

 

Tijdens de paaitrek eten de vissen weinig en het paaien vergt veel energie van de vissen. Op de paaiplaatsen is onvoldoende voedsel voor het grote aantal vissen. Daarom trekken ze na het paaien weer terug naar de voedselgebieden (voedseltrek).

Opgroeigebied

Meestal houden ontwikkelende eieren en larven zich in de bovenste waterlaag op en komen door de stroom van het oppervlaktewater in een gebied waar de natuurlijke omstandigheden gunstig zijn voor het opgroeien van de jonge vissen. Langs onze kusten zijn de Waddenzee en het Deltagebied van de Zeeuwse en Zuid-Hollandse eilanden opgroeigebieden (Eng.: nursery areas). Vanwege hun functie wordt een dergelijk gebied ook wel met de naam “kinderkamer” aangeduid.

Een overzicht van de paaiplaatsen en kinderkamers van schol.

Een overzicht van de paaiplaatsen en kinderkamers van schol.Ecomare

Na een verblijf in het opgroeigebied verlaten de jonge vissen het kustgebied en voegen zich bij de al aanwezige volwassen vissen in de voedselgebieden (Eng.:feeding areas) in open zee. Vaak zie je dat scholen bestaan uit vissen met dezelfde afmetingen. Dit komt, omdat de vissen op dezelfde paaiplaats geboren zijn. In het ei- en larve stadium komen ze door de stroming in hetzelfde opgroeigebied.

In de Columbia rivier in de Verenigde Staten is er een speciale vistrap aangelegd bij deze dam om de migratie van zalmen van en naar zee mogelijk te maken.

In de Columbia rivier in de Verenigde Staten is er een speciale vistrap aangelegd bij deze dam om de migratie van zalmen van en naar zee mogelijk te maken.

Als de in het opgroeigebied levende oudere vissen weer naar de paaiplaats trekken, ontmoeten deze verschillende scholen elkaar. De grotere oudere vissen zullen een grotere kruissnelheid kunnen ontwikkelen waardoor er een scheiding ontstaat tussen de oudere en jongere vissen. Hierdoor zijn er dan twee scholen gevormd met vissen van ongeveer dezelfde lengte.

Voedseltrek

In het voedselgebied moet veel voedsel beschikbaar zijn. Voedsel is nodig voor de verdere groei en voor de vorming van hom en kuit. Energie in de vorm van vet wordt in het lichaam opgeslagen om als “brandstof” te dienen tijdens de paaitrek. Veel vissen gaan terug naar hetzelfde gebied waar ze geboren zijn. In de Noordzee zijn vaste plaatsen voor haring, schol, kabeljauw en tong.

Deze pijlstaartroggen migreren ook jaarlijks naar voedselrijke wateren in de Golf van Mexico.

Deze pijlstaartroggen migreren ook jaarlijks naar voedselrijke wateren in de Golf van Mexico. Mike Johnston

Temperatuur of wintertrek

Als het kouder wordt, trekken veel vissen naar gebieden met een hogere temperatuur. Voor veel vissen is dit een trek van koud ondiep kustwater naar dieper en warmer water. Andere soorten trekken naar zuidelijkere streken met warmer water. Deze trek wordt daarom temperatuur- of wintertrek genoemd.

De zandtijgerhaai staat bekend als een soort die migreert op basis van watertemperatuur. Hun migratieroutes zijn soms wel langer dan 3000 kilometer.

De zandtijgerhaai staat bekend als een soort die migreert op basis van watertemperatuur. Hun migratieroutes zijn soms wel langer dan 3000 kilometer. Jeff Kubina

Kennis over zowel het seizoen waarin de trek plaatsvindt als de trekroute is erg belangrijk voor een goede vangst. Vooral de paaitrek is voor de visserij van groot belang, omdat veel vissoorten tijdens de paaitrek steeds grotere scholen vormen. Op de paaiplaats zelf bereiken de visscholen de grootste dichtheid. Deze kuitzieke vissen reageren trager. Hierdoor zijn ze makkelijker en in grotere aantallen te vangen (overigens kan het om economische redenen slimmer zijn om dat niet in de praktijk te doen).

1